Karel Cozijn is de zoon van huis-, plafond- en letterschilder Mozes Cozijn en Esther Samas. Karel groeit op in Amsterdam met vier zussen en drie broers. Zijn moeder en zijn zus Roza overleven als enigen van het gezin de oorlog. De overige gezinsleden komen gedurende de oorlog om in de vernietigingskampen.

Ruth Klara Cohen is de dochter van kleermaker Wilhelm Cohen en Elisabeth Friesem. Zij groeit op in Duitsland. Zowel Ruths ouders als haar drie zussen en haar broer komen om in de vernietigingskampen.

U leest hier het verhaal.